PAINTINGS 1

De lijn die in twee deelt, symbolisch. Wat is de beeldende functie of wat is de esthetische inbreng van een lijn die het werk consequent vertikaal indeelt? Het brengt nadruk zonder dat er echt iets beeldend te duiden is. Het is een arbitraire symbolische schikking die gewoon omdat ze er is betekenis geeft. Omdat ze van kleur en dikte verschilt op elk werk is de lijn op zichzelf niet betekenisvol. Het is een symbolisch scheidend gebaar dat, hoewel er niets te scheiden is, het werk toch helemaal verandert. Het is een geste, een handreiking doorheen het werk. Of misschien beter gezegd, op het werk.

 

De lijn is als het laatste woord van een zin dat de hele betekenis van die zin pas vastlegt. De lijn brengt retroactief betekenis. De lijn die zweeft De lijn deelt niet alleen het beeld, het deelt eerder het oppervlak. De lijn is geen onderdeel van de opbouw van het beeld als onderwerp. Zij maakt geen deel uit van de verfstreken die het beeld vormen, zij is als allerlaatste op doek gezet. Misschien zelfs dagen later toen de verf al droog was. Zij is een toevoeging die aldus een surplus aanbrengt letterlijk bovenop het beeld. De lijn zweeft boven het beeld en brengt diepgang, maar geen diepte. Diepgang op een kunstmatig symbolisch niveau, waarbij symbolisch als ‘orde brengend’ moet begrepen worden. Natuurlijk is elke verfstreek kunstmatig, maar de verfstreken in het beeld vormen het onderwerp zodat het zich zo kan voorstellen. Deze lijn stelt niet voor, deze lijn deelt. En zij deelt niet het beeld, zij deelt de beeldruimte.

 

Wat kan nu de ruimte zijn van een schilderij? Een schilderij schept een imaginaire ruimte, geeft de mogelijkheid om verfstrepen te verbinden met een kijkend subject. En in het kijken ontstaat pas telkens opnieuw het beeld, telkens verschillend van het verlangend kijkende subject. Een schilderij ‘is’ niet, het moet telkenmale opnieuw worden. Terwijl de suppoost in het museum toekijkt of het nog recht hangt ziet een andere bezoeker misschien zijn verleden met zijn overleden vrouw weerspiegelt in 'hetzelfde' beeld. En de poetsvrouw die er toevallig passeert ziet dat ze de swiffer nog eens moet bovenhalen. Driemaal hetzelfde schilderij, driemaal een heel ander affect.

 

Maar welke ruimte neemt de lijn in? Misschien de zuivere symbolische ruimte 'van het schilderen'. Het is een meta-lijn, een commentaar op het schilderen zelf. De lijn deelt niet het schilderij maar het schilderen. Ze is geen onderdeel van het schilderij maar van het schilderen. Daarom zweeft ze als het ware boven het beeld . Een symmetrische verdeling die geen accent legt zoals bij een asymmetrische verdeling. De lijn is er zonder beslissend onderdeel te zijn. De lijn wordt pas aangebracht als het schilderij al ‘af’ is en die het werk passend ‘af’ maakt en het geheel daarmee inschrijft in de schilderruimte. Zonder lijn is het louter afbeelding, met lijn is het afbeeldingruimte.

 

We geven de lijn haar ware inbreng als we ze gescheiden houden van het afgebeelde. Ze brengt scheiding tussen voor en achter! Dat is de diepgang die ik vermelde, diepgang zonder diepte. Ze is zelfstandig surplus dat we moeten respecteren. Ze staat buiten-beeld, wil niets met het schilderij op zich te maken hebben. Afstandelijk is haar ‘blik’, haar positie ten opzichte van het schilderij is terughoudend. Ze is als een offscreen commentaar zonder dat we juist weten wat ze wil zeggen! Dat is haar krachtige inbreng. Wij hebben de streep gezien als de lijn van het/de image/screen die Lacan plaatst tussen het object en de kijker en die de vlek is die onze kijk via het herinneringspoor in haar greep heeft.

 

 

Ursula de Graef

location 539339

584993

584831

 

70x80 OIL ON CANVAS

The line that divides in two, symbolically. What is the pictorial function or what is the aesthetic input of a line consistently dividing the work vertically. It accentuates without there being anything that needs visual clarification. It is an arbitrary symbolic arrangement that gives meaning just by being there. Because it differs in colour and thickness on each work it has no meaningfulness by itself. It is a symbolically dividing gesture that, although there is nothing to be divided, completely changes the painting. It is a gesture, a hand stretched out across the painting. Or maybe it is more correct to say 'on the painting'.

 

The line is like the final word of a sentence; a final word that defines the full meaning of that entire sentence. The line provides meaning retroactively. The line floats. The line does not only divide the image, it primarily divides the surface. The line is no part of the composition of the image as a subject. It is no part of the brush strokes that draw up the image, it was the last element to be put on the canvas. Maybe even days later when the paint had already dried. It is an addition providing a surplus, (literally) onto the image. The line floats above the image and provides draught but no depth. Draught on an artificial symbolic level, with 'symbolic' meaning 'providing order'. Obviously every brush stroke is artificial, but the strokes in the image compose the subject in order for it to present itself in such a way. This line, however, does not present, it divides. And it does not divide the image, it divides the image space.

 

How can one define the space of a painting? A painting creates an imaginary space, creates the possibility of connecting brushes of paint to an observing subject. In the act of observing the image comes into existence time after time, every time different from the desirously observing subject. A painting is not something that 'is', it 'has to become' each time again. While a museum guard might just be checking whether the painting is not hanging askew, another visitor might relive his own past with his deceased spouse by looking at the 'same' image. The cleaning lady who just happens to walk by might think about taking out her swiffer again. Three times the same painting, three completely different affects.

 

But which space does the line occupy? Maybe it occupies the purely symbolic space of 'the act of painting'. It is a meta-line, a comment on the act of painting itself. The line does not divide the painting but the act of painting. It is not a part of the painting but of the act of painting. That is why it is floating above the image as it were. A symmetrical division that does not accentuate as an asymmetrical division does. The line is present without being a decisive part of the painting. The line is created only when the painting is already 'finished'; the line 'finishes' the painting in an appropriate way and introduces the 'whole painting' into the space of the act painting. Without the line it is merely image, with the line it becomes the space of image.

 

We acknowledge the true contribution of the line when we keep it separated from the image. It provides a separation between 'in front' and 'behind'. That is the draught I was talking about, draught without depth. It is an independent surplus that has to be respected as such. It exists outside the image, does not want to be involved in the painting itself. Its 'view' is detached, its position vis-à-vis the painting is aloof. It is like on off-screen commentary of which we do not know the exact meaning. Therein lies its strong input. We have seen the line as the line of the image/screen that Lacan places between the object and the beholder and that is the blot that captures our look through the memory traces.

 

Ursula de Graef

 

translation by Joeri Raaymakers

 

the safe place 6

80X60

OIL ON CANVAS

2013

 

COPYRIGHT © | ALL RIGHTS RESERVED